Hoe werkt schijnzelfstandigheid?
Schijnzelfstandigheid ontstaat wanneer iemand formeel als zzp’er werkt, maar de werkrelatie in de praktijk alle kenmerken heeft van een dienstverband. De Belastingdienst en rechters kijken niet alleen naar wat er op papier staat, maar naar hoe de samenwerking er in werkelijkheid uitziet. Dit artikel beantwoordt de meest gestelde vragen over schijnzelfstandigheid: wat het is, hoe het wordt beoordeeld, welke risico’s eraan kleven en wat je kunt doen om het te voorkomen.
Wat is schijnzelfstandigheid en wanneer is er sprake van?
Van schijnzelfstandigheid is sprake wanneer iemand formeel als zelfstandige (zzp’er) werkt, maar de feitelijke werkrelatie voldoet aan de kenmerken van een dienstbetrekking. De naam of het contract doet er dan minder toe dan de dagelijkse realiteit van de samenwerking.
Voor een arbeidsovereenkomst gelden drie kernvereisten: persoonlijke arbeid (de persoon verricht het werk zelf), loon (er is een vergoeding voor het werk) en een gezagsverhouding (de opdrachtgever bepaalt hoe het werk wordt uitgevoerd). Zijn deze drie elementen aanwezig, dan kan de Belastingdienst of een rechter oordelen dat er sprake is van een dienstbetrekking, ongeacht wat er in het contract staat.
De gezagsverhouding is daarbij het meest bepalende element. Geeft de opdrachtgever instructies over werktijden, werkwijze of gedrag op de werkvloer? Dan wijst dat sterk in de richting van een arbeidsrelatie in plaats van een zelfstandige opdracht.
Welke criteria bepalen of er sprake is van schijnzelfstandigheid?
Er is geen enkelvoudige toets die bepaalt of een werkrelatie als schijnzelfstandigheid wordt aangemerkt. De Hoge Raad hanteert een holistische beoordeling, waarbij alle omstandigheden samen worden gewogen. Het Deliveroo-arrest (2023) heeft dit bevestigd en een reeks concrete beoordelingsfactoren verduidelijkt.
Relevante factoren zijn onder meer:
- De mate van integratie in de organisatie van de opdrachtgever
- De vrijheid om opdrachten te weigeren of zich te laten vervangen
- Het gebruik van eigen materiaal en middelen
- Het werken voor meerdere opdrachtgevers
- Het dragen van ondernemersrisico (zoals eigen aansprakelijkheid en investeringen)
- De aanwezigheid van gezag over de uitvoering van het werk
Geen van deze factoren is op zichzelf doorslaggevend. Een zzp’er die voor meerdere opdrachtgevers werkt, maar volledig is geïntegreerd in één organisatie en geen enkele vrijheid heeft in de uitvoering, loopt alsnog het risico als schijnzelfstandige te worden aangemerkt.
Wat zijn de risico’s en gevolgen van schijnzelfstandigheid voor opdrachtgevers en zzp’ers?
De gevolgen van schijnzelfstandigheid zijn aanzienlijk, zowel voor de opdrachtgever als voor de zzp’er zelf. Sinds 1 januari 2025 handhaaft de Belastingdienst actief, nu het handhavingsmoratorium is opgeheven. Dat betekent dat werkrelaties die eerder oogluikend werden toegestaan, nu concrete financiële en juridische consequenties kunnen hebben.
Voor opdrachtgevers kunnen de gevolgen zijn:
- Naheffingen loonheffingen over de afgelopen jaren
- Boetes bij verwijtbaar handelen
- Terugvordering van ten onrechte afgetrokken btw
- Loondoorbetalingsplicht bij ziekte van de zzp’er
- Verplichte pensioenopbouw met terugwerkende kracht
- Reputatieschade bij publieke bekendmaking
Voor zzp’ers kan schijnzelfstandigheid betekenen dat zij alsnog als werknemer worden aangemerkt, wat invloed heeft op hun belastingpositie, recht op zelfstandigenaftrek en de btw die zij in rekening hebben gebracht. De zekerheid die een zzp-constructie leek te bieden, kan daarmee achteraf volledig wegvallen.
Hoe voorkom je schijnzelfstandigheid als opdrachtgever of zzp’er?
Het voorkomen van schijnzelfstandigheid vraagt om meer dan een goed opgesteld contract. De feitelijke werkpraktijk moet overeenkomen met de afspraken op papier. Een modelovereenkomst die is goedgekeurd door de Belastingdienst biedt een goed vertrekpunt, maar geeft geen garantie als de dagelijkse samenwerking daar niet bij aansluit.
Praktische maatregelen om schijnzelfstandigheid te voorkomen:
- Gebruik een door de Belastingdienst goedgekeurde modelovereenkomst als basis
- Zorg dat de zzp’er ook in de praktijk vrijheid heeft in de uitvoering van het werk
- Leg vast dat de zzp’er voor meerdere opdrachtgevers werkt of kan werken
- Documenteer ondernemerskenmerken, zoals een eigen website, KvK-inschrijving en eigen materiaal
- Toets de werkrelatie periodiek, zeker bij langlopende opdrachten
- Wees alert op situaties waarin een zzp’er taken uitvoert die eerder door een werknemer werden gedaan
Het verschil tussen contractuele afspraken en de dagelijkse werkpraktijk is precies waar de Belastingdienst op let. Een eerlijke zelfevaluatie van de samenwerking is daarom minstens zo belangrijk als de contractvorm.
Hoe helpt Newtone bij vraagstukken rondom schijnzelfstandigheid?
Schijnzelfstandigheid raakt aan arbeidsrecht, fiscaliteit en bedrijfsvoering tegelijk. Dat vraagt om een aanpak waarbij verschillende disciplines samenwerken. Wij begeleiden zowel opdrachtgevers als ondernemers bij het beoordelen, voorkomen en oplossen van schijnzelfstandigheid.
Wat wij voor je kunnen doen:
- Fiscale beoordeling van werkrelaties: we analyseren of bestaande of nieuwe samenwerkingen risico’s met zich meebrengen
- Arbeidsrechtelijk advies: we beoordelen contracten en werkpraktijken vanuit juridisch perspectief
- Begeleiding bij modelovereenkomsten: we helpen bij het opstellen of toetsen van overeenkomsten die aansluiten bij de werkelijkheid
- Ondersteuning bij Belastingdienst-trajecten: we staan je bij als er een onderzoek of naheffing dreigt
Wil je weten of jouw werkrelaties de toets van de Belastingdienst kunnen doorstaan? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.
Gerelateerde artikelen
Ook interessant
Gerelateerde Berichten
Blijf op de hoogte dankzij de inzichten van onze specialisten. Lees nieuws en blogs over ‘dienst’ die nieuwe invalshoeken bieden op actuele onderwerpen.