Spring naar content

Uitspraak Hoge Raad over Herstelwet en Overbruggingswet box 3

Fiets-auto-groen-weg_web

De Hoge Raad heeft zojuist belangrijke arresten gewezen over de vraag of de Herstelwet box 3 en de Overbruggingswet box 3 nog steeds strijdig zijn met het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Het korte antwoord daarop luidt: Ja, die strijdigheid bestaat nog steeds! In voorkomende gevallen hebben belastingplichtigen dus recht op (verder) rechtsherstel.

Enkele belangrijke punten uit de arresten

  • Met stip op éen: Ook de Herstelwet is discriminerend!
  • De discriminatie doet zich voor indien het forfaitaire rendement hoger is dan het werkelijke rendement. In die gevallen moet rechtsherstel worden verleend.
  • Het maakt niet uit hoe groot het verschil is tussen het forfaitair bepaalde rendement en het werkelijke rendement.
  • Het rechtsherstel houdt in dat de belastingaanslag zo ver wordt verminderd, dat alleen nog belasting in box 3 wordt geheven over het werkelijke rendement.
  • Het is aan de belastingplichtige om aan te tonen dat zijn werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. Werk aan de winkel dus voor belastingplichtigen!
  • Ook de op 1 januari 2023 in werking getreden Overbruggingswet box 3 is discriminerend. Werk aan de winkel dus voor de wetgever! Mogelijk dus nieuwe wetgeving op de komende Prinsjesdag.
  • De Hoge Raad heeft vandaag regels gegeven voor de berekening van het werkelijke rendement, te weten:
    • Bij de vaststelling van het werkelijke rendement dient het gehele vermogen (dus met inbegrip van banktegoeden) van de belastingplichtige in box 3 te worden betrokken, zonder aftrek van het heffingvrije vermogen. Het gaat om het nominale rendement, dus zonder rekening te houden met inflatie.
    • Met het positieve of negatieve rendement in andere jaren wordt geen rekening gehouden. N.B. dit kan in bepaalde situaties tot overcompensatie leiden! Ik sluit niet uit dat de wetgever dit zal proberen te repareren.
    • Het werkelijke rendement omvat niet alleen voordelen die uit vermogensbestanddelen worden getrokken (zoals rente, dividend en huur), maar ook positieve en negatieve waardeveranderingen van die vermogensbestanddelen.
    • Ook ongerealiseerde waardeveranderingen behoren tot het werkelijke rendement.
    • Bij de bepaling van het werkelijk rendement wordt geen rekening gehouden met kosten, maar wel met rente van schulden die tot het vermogen in box 3 behoren.
  • Tot slot; het niet vergoeden van rente door de Belastingdienst is volgens de Hoge Raad in beginsel niet strijdig met het EVRM.
    • Er geldt wel een uitzondering op deze regel indien het bedrag van de wettelijke rente meer is dan het bedrag van de belastingvermindering in box 3. In andere gevallen hoeft geen rente te worden vergoed.

Wat betekent dit nu voor de praktijk?

Rechtsherstel is mogelijk indien een belastingplichtige wordt geconfronteerd met een forfaitair rendement dat hoger is dan het werkelijke rendement. De bewijslast ligt hierbij bij de belastingplichtige! Die zal dus voor zijn totale vermogen moeten nagaan wat het werkelijk behaalde rendement is, voor zijn totale vermogen. Daarbij moet hij naast rente, dividend, huur en gerealiseerde waardeveranderingen ook niet-gerealiseerde waardeveranderingen meenemen. Cherry picking – wat wil zeggen alleen een belastingteruggaaf voor slecht presterende beleggingen – is niet mogelijk. Pas als het forfaitair bepaalde rendement over het hele vermogen hoger is dan het werkelijke rendement, komt (verdere) belastingvermindering aan de orde. Maar dit gebeurt dus alleen op initiatief van belastingplichtige zelf en na het verzetten van de nodige administratieve arbeid. Of alle belastingplichtigen zitten te wachten op zo’n administratieve klus is afwachten, maar ik waag het te betwijfelen. Tegelijk blijft het een afweging van de te verrichten inspanningen en de te maken kosten versus het te behalen voordeel. Die afweging moet eenieder voor zich maken. Van praktisch belang en nut hierbij is dat de Belastingdienst (hoogstwaarschijnlijk) op korte termijn zal komen met een digitaal formulier “Opgaaf werkelijk rendement” in een poging een en ander te stroomlijnen.