Spring naar content

Wat is de rol van de rechter bij schijnzelfstandigheidszaken?

Houten rechtershamer op marmeren ondergrond naast officieel document, zachte natuurlijke belichting, minimalistisch en gezaghebbend.

De rechter speelt een cruciale rol bij het vaststellen van schijnzelfstandigheid. Wanneer een opdrachtgever en opdrachtnemer van mening verschillen over de aard van hun samenwerking, of wanneer de Belastingdienst ingrijpt, is de rechter degene die de knoop doorhakt. Dit artikel beantwoordt de meest gestelde vragen over hoe de rechter omgaat met schijnzelfstandigheidszaken.

Wat verstaat de rechter onder schijnzelfstandigheid?

De rechter spreekt van schijnzelfstandigheid wanneer iemand formeel als zelfstandige werkt, maar de feitelijke situatie alle kenmerken heeft van een arbeidsovereenkomst. De juridische basis ligt in artikel 7:610 van het Burgerlijk Wetboek, dat een arbeidsovereenkomst definieert als een overeenkomst waarbij iemand in dienst van een ander, tegen loon, gedurende zekere tijd arbeid verricht.

Een belangrijke mijlpaal in de rechtsontwikkeling is het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad uit 2023. Hierin bevestigde de Hoge Raad dat de kwalificatie van een arbeidsrelatie niet afhangt van wat partijen zelf hebben afgesproken, maar van hoe de samenwerking er in de praktijk uitziet. De naam op het contract doet er dus minder toe dan de dagelijkse werkelijkheid.

Welke criteria gebruikt de rechter om schijnzelfstandigheid te beoordelen?

Rechters passen een holistische toets toe, waarbij alle omstandigheden van het geval samen worden gewogen. Geen enkel criterium is op zichzelf doorslaggevend. De drie klassieke elementen zijn: loon, persoonlijke arbeidsverplichting en een gezagsverhouding.

Uit het Deliveroo-arrest vloeien negen concrete gezichtspunten voort die rechters meewegen:

  • De aard en duur van de werkzaamheden
  • De mate waarin de werkende is ingebed in de organisatie
  • Of er een verplichting bestaat om persoonlijk te werken
  • De wijze waarop de werktijden en de werkplek worden bepaald
  • Of de werkende meerdere opdrachtgevers heeft
  • De mate van ondernemersrisico die de werkende draagt
  • Of de werkende zich naar buiten toe als ondernemer presenteert
  • De hoogte en structuur van de beloning
  • Of de werkende zelf investeert in bedrijfsmiddelen

Rechters kijken dus niet alleen naar het papier, maar naar de volledige context van de werkrelatie. Een zzp’er die altijd op dezelfde locatie werkt, onder directe aansturing van een leidinggevende en zonder eigen klanten, scoort op veel van deze punten als werknemer.

Wat zijn de gevolgen van een rechterlijke uitspraak over schijnzelfstandigheid?

Wanneer de rechter oordeelt dat er sprake is van schijnzelfstandigheid, heeft dat verstrekkende gevolgen voor beide partijen. De arbeidsrelatie wordt met terugwerkende kracht aangemerkt als een arbeidsovereenkomst, wat een reeks juridische en financiële verplichtingen in gang zet.

Voor de opdrachtgever betekent dit onder meer:

  • Loondoorbetaling over de periode dat de samenwerking heeft geduurd
  • Naheffingen van loonbelasting en sociale premies via de Belastingdienst
  • Verplichte pensioenopbouw met terugwerkende kracht
  • Ontslagbescherming voor de voormalig zelfstandige, waardoor ontslag niet zomaar mogelijk is

Voor de opdrachtnemer kan de uitspraak juist voordelig uitpakken: recht op vakantiegeld, doorbetaling bij ziekte en bescherming tegen willekeurig ontslag. Tegelijkertijd kan de Belastingdienst eerder genoten belastingvoordelen terugvorderen als de zzp-status onterecht is gebruikt.

Hoe verloopt een schijnzelfstandigheidszaak bij de rechter in de praktijk?

Een schijnzelfstandigheidszaak kan worden gestart door de opdrachtnemer zelf, maar ook door de Belastingdienst of een vakbond. De zaak begint doorgaans bij de kantonrechter, die bevoegd is voor arbeidsrechtelijke geschillen.

Het procesverloop ziet er globaal zo uit:

  1. De eisende partij dient een dagvaarding of verzoekschrift in bij de kantonrechter
  2. Beide partijen wisselen schriftelijke stukken uit, zoals contracten, e-mails, facturen en getuigenverklaringen
  3. Er vindt een mondelinge behandeling plaats waarbij de rechter vragen stelt
  4. De rechter doet uitspraak, vaak binnen enkele maanden
  5. Hoger beroep is mogelijk bij het gerechtshof en in bijzondere gevallen bij de Hoge Raad

Bewijsmiddelen die zwaar wegen zijn onder andere de feitelijke werkwijze, de communicatie tussen partijen, de mate van integratie in de organisatie en de financiële structuur van de samenwerking. Een procedure duurt gemiddeld zes maanden tot een jaar in eerste aanleg.

Hoe helpt Newtone bij vraagstukken rondom schijnzelfstandigheid?

Schijnzelfstandigheid raakt het fiscale, juridische en HR-domein tegelijk. Wij begeleiden opdrachtgevers en ondernemers bij het in kaart brengen van hun risico’s en het nemen van de juiste stappen, voordat een rechter of de Belastingdienst dat voor hen doet.

Wat wij voor je kunnen doen:

  • Risicoscan van bestaande samenwerkingen met zzp’ers op basis van de Deliveroo-criteria
  • Advies over het opstellen of aanpassen van overeenkomsten van opdracht
  • Fiscale begeleiding bij naheffingen of bezwaarprocedures bij de Belastingdienst
  • Juridisch advies bij arbeidsrechtelijke geschillen over de kwalificatie van een arbeidsrelatie
  • HR-ondersteuning bij het omzetten van zzp-constructies naar passende arbeidsvormen

Wil je weten hoe jouw situatie ervoor staat? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek met onze specialisten. Onze specialisten denken graag met je mee, zodat je met vertrouwen kunt ondernemen.