Spring naar content

Welke sectoren hebben het meeste last van schijnzelfstandigheid?

Eenzame figuur op een kruispunt van carrièrepaden gesymboliseerd door een penseel, stethoscoop, troffel en aktetas.

Schijnzelfstandigheid is een van de grootste arbeidsrechtelijke risico’s voor opdrachtgevers in Nederland. Het doet zich voor wanneer een zzp’er in de praktijk als werknemer functioneert, maar formeel als zelfstandige wordt ingehuurd. Sommige sectoren zijn hier structureel gevoeliger voor dan andere. In dit artikel lees je welke branches het meeste risico lopen, wat de gevolgen zijn en hoe je als opdrachtgever grip houdt op je inhuurpraktijk.

Wat is schijnzelfstandigheid en wanneer is er sprake van?

Van schijnzelfstandigheid is sprake wanneer iemand op papier als zelfstandige werkt, maar in de praktijk voldoet aan de kenmerken van een arbeidsovereenkomst. De Belastingdienst en rechters kijken daarbij naar drie kernbegrippen: gezagsverhouding, persoonlijke arbeidsverplichting en loon. Als aan alle drie wordt voldaan, is er juridisch gezien sprake van een dienstverband, ongeacht wat er in het contract staat.

De Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) verving in 2016 de VAR-verklaring. Na een lange periode van beperkte handhaving hervat de Belastingdienst per 1 januari 2025 de actieve controle op arbeidsrelaties. Dit betekent dat opdrachtgevers die schijnzelfstandigen inhuren nu daadwerkelijk geconfronteerd kunnen worden met naheffingen en boetes.

Welke sectoren hebben het meeste last van schijnzelfstandigheid?

De sectoren waar schijnzelfstandigheid het vaakst voorkomt, zijn de bouw, zorg, IT, transport, onderwijs en de creatieve sector. In al deze branches is het gangbaar om flexibel personeel in te huren voor langdurige opdrachten, waarbij de grens met een regulier dienstverband snel vervaagt.

  • Bouw: Zzp’ers werken vaak jarenlang voor dezelfde aannemer, op vaste locaties en onder directe aansturing van een uitvoerder.
  • Zorg: Verpleegkundigen en verzorgenden werken volgens roosters van de instelling, onder toezicht van vaste leidinggevenden.
  • IT: Developers en consultants worden langdurig ingehuurd, werken met bedrijfsmiddelen van de opdrachtgever en zijn volledig geïntegreerd in teams.
  • Transport: Chauffeurs rijden vaste routes voor één opdrachtgever met voertuigen die zij niet zelf bezitten.
  • Onderwijs: Freelance docenten geven structureel les op één school, met een vast lesrooster en onder het schoolbeleid.
  • Creatieve sector: Ontwerpers en tekstschrijvers werken exclusief voor één opdrachtgever, zonder eigen klanten of ondernemersrisico.

Wat zijn de financiële en juridische gevolgen van schijnzelfstandigheid?

De gevolgen van schijnzelfstandigheid kunnen fors zijn voor zowel opdrachtgevers als zelfstandigen. Opdrachtgevers riskeren naheffingen van loonheffingen, inclusief premies werknemersverzekeringen, over de volledige periode van de samenwerking. Daarbovenop kunnen boetes en correctieverplichtingen volgen.

De Belastingdienst kan met terugwerkende kracht corrigeren, wat betekent dat ook afgelopen jaren onder de loep worden genomen. Het UWV kan daarnaast werknemersclaims toewijzen, zoals recht op WW of loondoorbetaling bij ziekte. Naast financiële schade is er ook reputatieschade, zeker in sectoren waar toezicht publiekelijk zichtbaar is.

Hoe herken je schijnzelfstandigheid in je eigen organisatie?

Praktische signalen die wijzen op schijnzelfstandigheid zijn goed te herkennen als je weet waar je op moet letten. Stel jezelf de volgende vragen over de samenwerking met een zzp’er:

  • Werkt de zzp’er uitsluitend of bijna uitsluitend voor jouw organisatie?
  • Geef jij als opdrachtgever dagelijkse instructies over hoe het werk moet worden uitgevoerd?
  • Kan de zzp’er zich niet laten vervangen door iemand anders?
  • Werkt de zzp’er met jouw materialen, systemen of op een vaste werkplek?
  • Loopt de zzp’er geen financieel ondernemersrisico?

Hoe meer vragen je met ‘ja’ beantwoordt, hoe groter het risico op schijnzelfstandigheid. Het gaat niet alleen om het contract, maar om de feitelijke werksituatie.

Hoe voorkom je schijnzelfstandigheid als opdrachtgever?

Voorkomen begint met bewustwording van de feitelijke werksituatie, niet alleen van de contractuele afspraken. Concrete stappen die je kunt nemen:

  • Gebruik goedgekeurde modelovereenkomsten van de Belastingdienst als basis, maar zorg dat de praktijk ook overeenkomt met wat erin staat.
  • Laat de arbeidsrelatie periodiek arbeidsrechtelijk toetsen, zeker bij langdurige samenwerkingen.
  • Beoordeel of de zzp’er daadwerkelijk ondernemerskenmerken heeft: meerdere opdrachtgevers, een eigen aansprakelijkheidsverzekering, eigen acquisitie.
  • Herzie contracten en werkwijzen regelmatig, zeker als de opdracht in omvang of duur groeit.
  • Train leidinggevenden in het herkennen van situaties waarin gezag wordt uitgeoefend over ingehuurde zelfstandigen.

Hoe helpt Newtone bij het aanpakken van schijnzelfstandigheid?

Wij helpen opdrachtgevers en ondernemers bij het beoordelen en aanpakken van schijnzelfstandigheidsrisico’s, van de eerste analyse tot concrete verbeteringen in de inhuurpraktijk. Onze aanpak is praktisch en gericht op wat er in jouw organisatie daadwerkelijk speelt.

  • Fiscaal advies: We beoordelen of bestaande arbeidsrelaties standhouden bij een controle door de Belastingdienst.
  • Arbeidsrechtelijke toetsing: We analyseren contracten én de feitelijke werksituatie en signaleren waar de risico’s zitten.
  • Compliancebegeleiding: We helpen je beleid en processen rondom inhuur zo in te richten dat je aantoonbaar compliant bent.

Wil je weten of jouw organisatie risico loopt op schijnzelfstandigheid? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek over jouw situatie.