Spring naar content

Prinsjesdag 2023 | Aanpassen giftenaftrek zoals opgenomen in het Belastingplan 2024

Momenteel zijn giften, gedaan door vennootschapsbelastingplichtige bedrijven, aan algemeen nut beogende instellingen (ANBI’s) en steunstichtingen voor sociaal belang behartigende instellingen (SBBI’s) aftrekbaar voor de vennootschapsbelasting. Deze aftrekbaarheid is gemaximeerd op 50% van de fiscale winst, met een maximum van € 100.000. Dit is ook het geval als een dergelijke gift wordt gedaan vanuit aandeelhoudersmotieven (verkapte dividenduitkering) in welk geval zonder goedkeuring dividendbelasting en heffing in box 2 van de inkomstenbelasting zou zijn verschuldigd. Goedgekeurd is echter dat binnen de hiervoor beschreven grenzen geen dividendbelasting wordt geheven en is in box 2 evenmin inkomstenbelasting verschuldigd.

Als een gift wordt gedaan vanuit aandeelhoudersmotieven is deze niet aftrekbaar voor de vennootschapsbelasting en wel belast met dividendbelasting en inkomstenbelasting in box 2 indien en voor zover voornoemde grenzen worden overschreden. Voor dit deel van de gift is echter wel aftrek in box 1 van de inkomstenbelasting mogelijk tegen een tarief van afgerond 37%, voor zover dit deel van de gift tezamen met overige kwalificerende giften in privé 1% van het verzamelinkomen (het gezamenlijke inkomen in box 1, 2 en 3) overschrijdt. De aftrek in de inkomstenbelasting is gemaximeerd op 10% van het verzamelinkomen. Indien geen aftrek in box 1 mogelijk is dan is aftrek in box 3 mogelijk tegen een tarief van maximaal 34% of box 2 tegen een tarief van 24,5% of 31% (tarieven 2024).

De nu voorgestelde wijzigingen leiden ertoe dat per 1 januari 2024:

  • een door een vennootschap aan een ANBI gedane gift niet aftrekbaar is voor de vennootschapsbelasting, ook niet voor zover de gift lager is dan het huidige wettelijke maximum van 50% van de winst en € 100.000;
  • het bedrag van die gift niet in aanmerking wordt genomen als een voordeel in box 2 en evenmin als een opbrengst voor de dividendbelasting;
  • het bedrag van die gift voor de aandeelhouder(s) niet aftrekbaar is in box 1, 2 of 3 van de inkomstenbelasting.

Wat vindt PKF Wallast?
Afhankelijk van de specifieke situatie kan deze wetswijziging als een versobering dan wel als een verruiming worden gezien.

Van een versobering is sprake indien de vennootschap € 100.000 aan giften spendeert die volledig aftrekbaar zijn voor de vennootschapsbelasting, omdat de winst van de vennootschap in dat jaar meer dan € 200.000 bedraagt. Voor deze vennootschap en diens aandeelhouder leidt de wetswijziging slechts tot het vervallen van een fiscale aftrekpost voor de vennootschap.

Van een verruiming kan sprake zijn indien de vennootschap in een jaar € 300.000 aan giften spendeert die slechts voor € 100.000 aftrekbaar zijn voor de vennootschapsbelasting tegen een tarief van 19% of 25% (of een combinatie van beide). Op basis van de huidige wetgeving is in dat geval een bedrag van € 200.000 belast met heffing in box 2 van de inkomstenbelasting (onder verrekening van 15% ingehouden dividendbelasting; nog afgezien van brutering). Het tarief in box 2 van de inkomstenbelasting bedraagt vanaf 1 januari 2024 31% en 24,5% over de eerste € 67.000 aan inkomsten in box 2 in een jaar. Als slechts beperkt sprake is van inkomen box 1, 2 en 3 zou het zo kunnen zijn dat voor het bedrag van € 200.000 effectief geen of slechts beperkt giftenaftrek in de inkomstenbelasting te gelde kan worden gemaakt. De wetswijziging leidt ertoe dat een fiscale aftrekpost voor de vennootschap van € 100.000 vervalt, maar tevens belastingheffing in box 2 over een bedrag van € 200.000 (afgezien van brutering) tegen de genoemde percentages wordt voorkomen.

Overigens merken wij op dat zakelijke uitgaven aan goede doelen, zoals door middel van sponsoring of reclame, vanzelfsprekend aftrekbaar blijven voor de vennootschapsbelasting. Van een verkapte dividenduitkering en daarmee samenhangende dividendbelasting en box 2-heffing is dan geen sprake.

Afhankelijk van de specifieke fiscale situatie van een vennootschap en diens aandeelhouder kan het raadzaam zijn om geen giften te doen vanuit de vennootschap, maar dividend uit te keren aan de aandeelhouder die vervolgens vanuit privé de gift verricht. Het is dus maatwerk om te bepalen wat in een gegeven situatie verstandig is.