Spring naar content

Hoe beïnvloedt schijnzelfstandigheid je belastingaangifte?

Belastingaangifte met facturen en contracten op een minimalistisch bureau, potlood diagonaal op de documenten.

Schijnzelfstandigheid heeft directe gevolgen voor je belastingaangifte. Als de Belastingdienst vaststelt dat een zzp’er feitelijk als werknemer werkt, vervallen belangrijke aftrekposten zoals de zelfstandigenaftrek en de MKB-winstvrijstelling. Bovendien kan de opdrachtgever worden geconfronteerd met naheffingen loonheffingen. De vragen hieronder geven je een helder beeld van de fiscale risico’s en wat je kunt doen.

Wat is schijnzelfstandigheid en wanneer is er sprake van?

Schijnzelfstandigheid ontstaat wanneer iemand formeel als zelfstandige (zzp’er) werkt, maar de feitelijke werksituatie kenmerken heeft van een dienstbetrekking. De Belastingdienst en rechters beoordelen de arbeidsrelatie op basis van de werkelijke omstandigheden, niet alleen op basis van wat er op papier staat.

De belangrijkste criteria die worden getoetst zijn:

  • Gezagsverhouding: geeft de opdrachtgever aanwijzingen over hoe het werk moet worden uitgevoerd?
  • Persoonlijke arbeidsplicht: moet de opdrachtnemer het werk zelf uitvoeren, of mag hij een vervanger inschakelen?
  • Integratie in de organisatie: werkt de zzp’er structureel mee als onderdeel van de vaste bezetting?

Hoe meer van deze kenmerken aanwezig zijn, hoe groter de kans dat de arbeidsrelatie als dienstbetrekking wordt aangemerkt.

Welke gevolgen heeft schijnzelfstandigheid voor je belastingaangifte?

Bij geconstateerde schijnzelfstandigheid wordt de aangifte inkomstenbelasting gecorrigeerd. De zzp’er verliest het recht op fiscale voordelen die exclusief voor ondernemers gelden, wat leidt tot een aanzienlijk hogere belastingdruk.

De concrete fiscale gevolgen zijn:

  • Verlies van de zelfstandigenaftrek (alleen voor ondernemers die voldoen aan het urencriterium)
  • Vervallen van de MKB-winstvrijstelling
  • Correctie van de aangifte inkomstenbelasting over de betreffende jaren
  • Mogelijke naheffing van loonbelasting en premies bij de opdrachtgever

Het inkomen wordt dan belast als loon in plaats van winst uit onderneming, wat in de praktijk kan betekenen dat er over meerdere jaren aanzienlijke bedragen worden teruggevorderd.

Hoe handhaaft de Belastingdienst schijnzelfstandigheid in 2025?

Per 1 januari 2025 is het handhavingsmoratorium opgeheven. De Belastingdienst treedt sindsdien actief op tegen schijnzelfstandigheid, waarbij de focus ligt op risicogericht toezicht en boekenonderzoeken bij opdrachtgevers in sectoren waar schijnzelfstandigheid veel voorkomt.

De handhavingsaanpak omvat onder meer:

  • Boekenonderzoeken bij opdrachtgevers om de feitelijke arbeidsrelaties te beoordelen
  • Toetsing aan goedgekeurde modelovereenkomsten van de Belastingdienst
  • Toepassing van de Wet VBAR (Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties), die meer duidelijkheid biedt over wanneer sprake is van een dienstbetrekking

De Wet VBAR verduidelijkt bestaande criteria en legt meer nadruk op de feitelijke werksituatie. Het enkel beschikken over een goedgekeurde modelovereenkomst biedt geen garantie als de praktijk afwijkt van wat is afgesproken.

Wat zijn de financiële risico’s van schijnzelfstandigheid voor opdrachtgevers en opdrachtnemers?

De financiële risico’s zijn voor beide partijen aanzienlijk. Opdrachtgevers lopen het grootste risico, omdat zij als inhoudingsplichtige verantwoordelijk zijn voor de afdracht van loonheffingen. Opdrachtnemers riskeren verlies van fiscale voordelen en mogelijk terugbetaling van onterecht genoten aftrekposten.

De risico’s op een rij:

  • Opdrachtgever: naheffingen loonheffingen, verschuldigde premies werknemersverzekeringen en boetes, met terugwerkende kracht tot vijf jaar
  • Opdrachtnemer: terugvordering van zelfstandigenaftrek en MKB-winstvrijstelling, hogere belastingaanslagen en mogelijke revisierente

De terugwerkende kracht maakt de risico’s extra ingrijpend: correcties kunnen betrekking hebben op meerdere belastingjaren tegelijk.

Hoe kun je schijnzelfstandigheid voorkomen of de arbeidsrelatie correct inrichten?

Voorkomen is beter dan achteraf corrigeren. Zowel opdrachtgevers als zzp’ers kunnen concrete stappen zetten om de arbeidsrelatie fiscaal en juridisch correct in te richten, zodat de samenwerking ook bij toetsing door de Belastingdienst standhoudt.

Praktische aandachtspunten:

  • Werk met een goedgekeurde modelovereenkomst van de Belastingdienst die aansluit bij de werkelijke situatie
  • Zorg dat de zzp’er daadwerkelijk vrij is in de uitvoering van het werk en zich kan laten vervangen
  • Beoordeel of de opdrachtnemer ook voor andere opdrachtgevers werkt en ondernemersrisico draagt
  • Overweeg alternatieve contractvormen zoals payrolling of een arbeidsovereenkomst als de feitelijke situatie daar beter bij past
  • Toets de arbeidsrelatie periodiek, zeker bij langlopende opdrachten of gewijzigde werkomstandigheden

Een papieren overeenkomst alleen is niet voldoende. De dagelijkse praktijk moet overeenkomen met wat is afgesproken.

Hoe helpt Newtone bij vraagstukken rondom schijnzelfstandigheid?

Bij Newtone begeleiden wij opdrachtgevers en ondernemers bij het beoordelen en correct inrichten van arbeidsrelaties. We kijken niet alleen naar de overeenkomst op papier, maar ook naar de feitelijke werksituatie, zodat je weet waar je staat en wat je eventueel moet aanpassen.

Wat wij voor je kunnen doen:

  • Beoordelen van bestaande arbeidsrelaties op risico’s rondom schijnzelfstandigheid
  • Adviseren over de juiste contractvorm en het gebruik van modelovereenkomsten
  • Begeleiden bij boekenonderzoeken van de Belastingdienst
  • Ondersteunen bij het beperken van fiscale risico’s en het corrigeren van eerdere aangiften
  • Adviseren over de gevolgen van de Wet VBAR voor jouw specifieke situatie

Wil je weten of jouw arbeidsrelaties voldoen aan de eisen van 2025? Neem contact op met onze adviseurs voor een vrijblijvend gesprek met een adviseur.