Thuiswerken zonder fiscale zorgen: nieuwe 34-dagenregeling voor grenswerkers Nederland-Duitsland
Per 1 januari 2026 is het belastingverdrag tussen Nederland en Duitsland aangepast, waardoor grenswerkers in de toekomst tot 34 dagen thuis kunnen werken zonder dat dit gevolgen heeft voor de belastingheffing. Een welkome versoepeling voor de grenswerkers. Hoe zit het precies?
Situatie voor invoering 34-dagenregeling
Het belastingverdrag verdeelt het heffingsrecht tussen Nederland en Duitsland. Voor werknemers in loondienst geldt in beginsel dat het woonland het heffingsrecht heeft over al het loon, tenzij de werknemer de werkzaamheden in het andere land verricht. Voor een inwoner van Nederland die voor een Duitse werkgever in Duitsland werkt, geldt dus in beginsel dat het loon belast wordt in Duitsland. Andersom geldt hetzelfde.
Voor de klassieke grenswerker zat even lekker thuiswerken er dus niet zomaar in: iedere thuiswerkdag leidt meteen tot belastingheffing in het woonland. Dit heeft verschillende nadelen, bijvoorbeeld registratie- en afdrachtsverplichtingen in het woonland voor de werkgever, onzekerheid over de hoogte van het netto inkomen en complexere aangiftes inkomstenbelasting.
Inhoud wijziging
Met de wijziging wordt bewerkstelligd dat grenswerkers jaarlijks maximaal 34 dagen kunnen thuiswerken zonder dat dit fiscale gevolgen heeft: het land waar de werkgever is gevestigd blijft dan heffingsbevoegd over het gehele loon. Dat scheelt een hoop rompslomp, toch?
“Jein”, oftewel: dat ligt er maar aan hoe u het bekijkt. Voor de klassieke grenswerker is het een welkome wijziging en biedt het enige ruimte om ook eens thuis te kunnen werken. Kijkt u wat beter naar de regeling, dan zijn er toch wel een aantal haken en ogen:
- Definitie thuiswerkdag: Nederland en Duitsland hebben afgesproken dat een werkdag als thuiswerkdag kwalificeert als er meer dan 30 minuten thuis wordt gewerkt. Bent u op kantoor niet toegekomen aan die ene e-mail en logt u ’s avonds nog even snel in? Dan zal de thuiswerk-teller al snel oplopen.
- Daadwerkelijke impact 34-dagenregeling op heffingsrechten: thuiswerkdagen worden enkel “ten behoeve van de drempel van 35 dagen” geteld. Dus werkt u een uur thuis, dan resulteert dat in een extra thuiswerkdag. Heeft u vervolgens 35 of meer thuiswerkdagen, dan mag het woonland belasting heffen over het loon. De vraag is vervolgens: over welk deel van het loon? Dit wordt bepaald aan de hand van waar de werkdagen fysiek zijn uitgeoefend. Dit betekent dus als u een werkdag in het werkland hebt gehad en vervolgens in de avond nog 1 uur thuis werkt, deze werkdag voor verdragsdoeleinden doorgaans wordt aangemerkt als een werkdag in het werkland. Oftewel: het aantal thuiswerkdagen op basis van de +30-minuten-telling telt dus niet per definitie mee als daadwerkelijke werkdagen in het thuisland bij het bepalen van het belastbare loon. Het kan dus bijvoorbeeld zijn dat u meer dan 35 dagen thuis werkt waardoor het thuisland belasting mag heffen over de dagen die niet in het werkland zijn gewerkt, waarbij het thuisland effectief uiteindelijk slechts belasting mag heffen over 10 dagen omdat het bij de andere ’thuiswerkdagen’ slechts ging om een half uurtje thuis werken na een werkdag in het werkland. Dergelijke thuiswerkdagen worden dan alsnog aangemerkt als werkdag in de werkstaat en dus voor heffing toegewezen aan het werkland.
- Structurele thuiswerkers: grenswerkers die al structureel 1 – 2 dagen thuiswerkten, hebben geen voordeel van deze regeling. Zij werken namelijk al meer dan 34 dagen buiten het werkland.
- Derde-land dagen: niet enkel de werkdagen in het woonland tellen mee voor de grens van 34 dagen, maar óók de werkdagen in een derde land. Werkt u bijvoorbeeld ook af en toe in België, dan tellen die dagen ook mee – tenzij België sowieso heffingsrecht heeft over deze werkdagen. De werkgever zal in zo’n geval alsnog moeten vaststellen welk land nu mag heffen, ondanks de 34-dagenregeling.
- Sociale zekerheid: de 34-dagenregeling heeft geen impact op de sociale zekerheidspositie van een werknemer. Thuiswerkdagen zijn dus nog steeds relevant om te bepalen of een werknemer meer dan 25% (of 50% in geval van toepassing van de Kaderreling) in het thuisland werkt, wat tot een verschuiving van de sociale zekerheidspositie kan leiden.
Toekomst
Hoewel het een welkome verruiming kan zijn voor (klassieke) grenswerkers, is een drempel van 34 dagen alsnog vrij beperkt. Nederland en Duitsland hebben afgesproken dat de regeling na 2 jaar geëvalueerd wordt. Mogelijk dat de regeling in de toekomst verder verruimd wordt.
Aandachtspunten voor werkgevers en werknemers
Hoewel de 34-dagenregeling voor de klassieke grenswerker dus wel enig voordeel heeft, zijn er belangrijke aandachtspunten die niet uit het oog verloren moeten worden:
- Het is belangrijk dat werkgevers en werknemers duidelijke afspraken maken over thuiswerken om onaangename fiscale verrassingen te voorkomen.
- Houd een dagenkalender bij zodat altijd aangetoond hoeveel dagen in ieder land is gewerkt. De fysieke aanwezigheid bepaalt uiteindelijk de verdeling van de heffingsrechten.
- De wijziging ziet enkel op de gevolgen voor de belastingheffing. De gevolgen voor sociale zekerheid wordt volgens andere regels bepaald.
Ook interessant
Gerelateerde Berichten
Blijf op de hoogte dankzij de inzichten van onze specialisten. Lees nieuws en blogs over ‘dienst’ die nieuwe invalshoeken bieden op actuele onderwerpen.