Spring naar content

Wat is het heffingsvrij vermogen in box 3 voor 2026?

Het heffingsvrije vermogen in box 3 is het bedrag aan privévermogen waarover u geen box 3-belasting betaalt. Voor 2026 bedraagt deze vrijstelling € 57.684 per persoon, ofwel € 115.368 voor fiscale partners samen. Alleen het vermogen bóven deze grens telt mee voor de belastingberekening. In dit artikel leest u hoe de vrijstelling werkt, wat er wel en niet onder box 3 valt en hoe u uw positie fiscaal slim kunt inrichten.

Wat is het heffingsvrije vermogen in box 3 en hoe werkt het?

Het heffingsvrije vermogen is de drempel waaronder uw privévermogen buiten de heffing van box 3-belasting blijft. Pas als uw vermogen op 1 januari van het belastingjaar boven dit bedrag uitkomt, betaalt u belasting over het meerdere. De vrijstelling bestaat om te voorkomen dat mensen met een bescheiden spaarpot direct worden belast op hun vermogen.

Binnen het Nederlandse belastingstelsel is box 3 bedoeld voor inkomen uit sparen en beleggen. De overheid hanteert een heffingsvrij vermogen als basisvrijstelling, vergelijkbaar met de heffingskorting in box 1. Het zorgt ervoor dat kleine vermogens buiten schot blijven, terwijl grotere vermogens wél bijdragen aan de belastingopbrengst.

Wat is het heffingsvrije vermogen in box 3 voor 2026?

Voor het belastingjaar 2026 bedraagt het heffingsvrije vermogen € 57.684 per belastingplichtige. Fiscale partners kunnen elkaars vrijstelling benutten, waardoor zij samen over een vrijstelling van € 115.368 beschikken. Vermogen tot deze grens blijft volledig buiten de box 3-belasting.

Jaar Alleenstaande Fiscale partners
2023 € 57.000 € 114.000
2024 € 57.000 € 114.000
2025 € 57.684 € 115.368
2026 € 57.684 € 115.368

De vrijstelling is de afgelopen jaren licht gestegen door indexatie. Voor vermogende particulieren met een substantieel vermogen maakt dit verschil beperkt uit, maar het is wel relevant bij de optimalisatie van uw totale belastingpositie.

Hoe wordt de belasting over box 3-vermogen boven de vrijstelling berekend?

De berekening van box 3-belasting werkt via fictieve rendementspercentages per vermogenscategorie. Over het vermogen boven het heffingsvrije vermogen wordt een fictief rendement berekend, waarover vervolgens 36% belasting wordt geheven in 2026. De drie categorieën zijn banktegoeden, overige bezittingen en schulden.

  • Banktegoeden: het fictieve rendement ligt dicht bij de actuele spaarrente en wordt jaarlijks vastgesteld.
  • Overige bezittingen (zoals beleggingen en vastgoed): hier geldt een hoger fictief rendement, dat voor 2026 rond de 5,88% ligt.
  • Schulden: verlagen de grondslag met een aftrekpercentage dat ook jaarlijks wordt bepaald.

De grondslag sparen en beleggen is dus: bezittingen minus schulden minus het heffingsvrije vermogen. Over die grondslag past u de fictieve rendementen toe per categorie, telt u de uitkomsten bij elkaar op en berekent u 36% belasting over het totale fictieve inkomen.

Welke vermogensbestanddelen vallen wel en niet onder box 3?

Niet al uw bezittingen tellen mee voor de box 3-belasting. Wat wél meetelt, zijn spaargeld, beleggingen, een tweede woning of vakantiewoning, verhuurde panden, vorderingen en cryptovaluta. Wat níet meetelt, zijn bezittingen die al in een andere box worden belast of wettelijk zijn vrijgesteld.

Valt wel onder box 3:

  • Spaargeld en deposito’s
  • Aandelen, obligaties en beleggingsfondsen
  • Tweede woningen en verhuurde panden
  • Vorderingen op derden
  • Cryptovaluta

Valt niet onder box 3:

  • De eigen woning (valt in box 1)
  • Pensioenrechten en lijfrenten
  • Vermogen in een bv of nv (valt in box 2)
  • Groene beleggingen tot een vrijgesteld bedrag
  • Roerende zaken voor eigen gebruik

Hoe kunt u als vermogende particulier slim omgaan met de box 3-grens?

Er zijn verschillende strategieën om de box 3-belasting te beperken, volledig binnen de wettelijke kaders. De meest effectieve aanpak hangt af van uw persoonlijke situatie, maar een aantal opties is breed toepasbaar.

  • Fiscaal partnerschap: door vermogen optimaal te verdelen tussen fiscale partners benut u beide vrijstellingen volledig en kunt u de grondslag minimaliseren.
  • Groene beleggingen: investeringen in erkende groene fondsen zijn vrijgesteld tot een bepaald bedrag en verlagen daarmee uw belastbare grondslag.
  • Peildatumarbitrage: de peildatum voor box 3 is 1 januari. Door vermogen tijdelijk te verschuiven vóór of na die datum kunt u de grondslag beïnvloeden, mits dit zakelijk verantwoord is en geen misbruik oplevert.
  • Persoonlijke houdstermaatschappij: vermogen dat in een bv is ondergebracht, valt niet in box 3 maar in box 2. Dit kan voordelig zijn bij grote vermogens, afhankelijk van uw totale fiscale positie.
  • Schulden benutten: kwalificerende schulden verlagen de box 3-grondslag. Denk aan een lening die u heeft uitstaan bij een bank.

Hoe helpt Newtone bij het optimaliseren van uw box 3-positie?

Bij Newtone bieden wij belastingadvies dat verder gaat dan het invullen van uw aangifte. Wij kijken naar uw totale vermogenspositie en zoeken actief naar mogelijkheden om uw box 3-belasting te verlagen, binnen wat de wet toestaat. Dat doen wij met een team van fiscalisten, estate planners en juridisch adviseurs die samenwerken vanuit één organisatie.

Wat wij voor u kunnen betekenen:

  • Analyse van uw huidige box 3-grondslag en belastingdruk
  • Advies over fiscaal partnerschap en vermogensverdeling
  • Begeleiding bij de inzet van groene beleggingen en andere vrijstellingen
  • Beoordeling van de rol van een persoonlijke houdstermaatschappij in uw situatie
  • Estate planning gericht op vermogensoverdracht en uw toekomstige belastingpositie
  • Integrale aangifte inkomstenbelasting met oog voor alle fiscale kansen

Wilt u weten hoe uw box 3-positie er precies voor staat en waar fiscale ruimte zit? Neem contact op met Newtone voor een vrijblijvend gesprek met een adviseur.

Gerelateerde artikelen